BIETIE

1

Wart Bietie tilde zijn hoofd op en bestudeerde zijn collega's. Ze fluisterden, dipten grijnzend met suikerklontjes, draaiden kolken in hun koffie en verbogen de plastic lepeltjes zo dat ze horizontaal in de bekertjes pasten. Voor Wart Bietie moesten elke dag, elk uur en elke minuut van zijn leven overweldigend zijn. Dat waren ze niet. Niet meer. Zelfs de leerlingen, elk blokuur dertig anderen, konden hem nauwelijks meer verrassen. Op een enkeling na, maar die werd dan ook meestal een half jaar later van school getrapt.
'En...', de mentor van havo-4.3 probeerde een tic te onderdrukken voor hij verder ging, 'hij kan niet van jongens afblijven.'
'Hoezo?', galmde het uit een andere hoek.
'Hij knijpt in billen.'
Stemmen.
Bietie wilde ze niet horen.
'Misschien is hij homo.'
'Mijn God!' Een leesbril landde behoedzaam op de omslag van Hamlet. 'Mogen die kinderen niet nog heel even seksloos blijven?'
'In havo-4.3?'
Er werd gegrinnikt. En het klonk als een troep zeehonden met astma. Ieder woord vond de weg naar Wart Bietie's trommelvlies.
'Het enige waar die betweterige hormoonpreparaatjes in geïnteresseerd zijn is dat wat er bungelt tussen kin en knieën. De eerste presentatie bij economie ging over een theoretische interventie van de spermabank om de inflatie van zaad tegen te gaan.'
'Waarom heb jij nooit lesgegeven op het gymnasium?'
'Precies. Die meiden kunnen wel een flinke beurt gebruiken.'
'Al was het alleen maar om te laten merken dat er dingen zijn die ze nog niet kunnen.' Dat was Tjeu van Frans. Gekke ouwe Tjeu. Lekker droog zoals gewoonlijk. Adempauze. Van Tjeu kon Bietie alles hebben. Tjeu nam niks en niemand serieus en had de bijzondere gave dat hij met een paar woorden iedereen de kast op kon jagen. Toch jammer dat er nu geen docent Latijn of Grieks bij was, dacht Bietie even, die konden zo heerlijk onnodig ontploffen.
'Stil-te alsjullieblieft!' De directeur roerde een merkloos aspirientje door zijn koffie. Het gejengel van zijn lepeltje echode impotent tegen het legergroene schoolbord.
Opnieuw probeerde Bietie de klassenbespreking van zich af te zetten, te doen alsof dit alles niets met hem te maken had. Maar het ongemakkelijke gevoel in zijn onderbuik bleef. Hier klonk geen applaus, hier bruiste geen champagne. Hier werd de voortplanting opgedeeld in paragrafen. Hier bestudeerde alleen een opgezet konijn de poster met waarschuwingen tegen soa.
De laatste tandkarper in het verwaarloosde aquarium staarde hem onafgebroken aan. Het beest vocht al dagen tegen een delirium als gevolg van een overdosis reinigingsalcohol die, hoe kon het anders, door havo-4.3 was toegediend. Waarom sprong het monster er niet uit, dacht Bietie, waarom probeerde hij niet of er naast dit aquarium niet toevallig een ander aquarium was, groter, met lekkerder water? De tandkarper dook naar de bodem en spoelde zijn mond met steentjes.
'STILTE! Havo-4.3 is ontspoord en ik...', vanaf het woord 'ik' tikte de directeur bij elk nieuw woord één keer op zijn schoteltje, 'ík wíl wéten waaróm.'
Havo-4.3. Bietie zou ze overnemen van een overspannen collega. De vierde dit jaar. Hij had van de andere docenten veel over de klas gehoord, en van leerlingen nog meer over die docenten. En hij had er zelfs eigen dwanggedachten bij. Maar hij peinsde er niet over om die hier te ventileren.
Sinds hij enkele examenleerlingen had toegestaan om tijdens een tekenles naakt te poseren, was de verhouding met zijn collega's nog verwarrender dan normaal. Vrouwelijke collega's hielden afstand, mannen porden joviaal in zijn zij en de verkeerde types knipoogden opeens naar hem. Tjeu vond het prachtig. Bietie vond het hysterie. De leerlingen hadden zelf het initiatief genomen, hij had ze een keer hun zin gegeven en ze hadden nog nooit zo gedreven gewerkt. Meer niet. Toch had Bietie vanmorgen - voor het eerst in zijn leven - plechtig het besluit genomen om zichzelf tijdelijk bescheiden op te stellen. Tjeu had hem heel hard uitgelachen en Bietie had overmoedig om een goede fles wijn gewed dat hij tijdens de klassenbespreking van havo-4.3  niet één woord zou zeggen.
Maar dat viel tegen.
Stemmen.
Elke klank zette in zijn kop een radarwerk in beweging dat bij elk woord en elke zin tientallen kanttekeningen, toevoegingen, suggesties en grappen produceerde. En nu hij alleen maar luisterde leek alles wat er gezegd werd aan zin of onzin te winnen.
'Heb je gevraagd waarom ie in billen knijpt?'
'De jongen is verknipt en als je zijn moeder ziet weet je waarom.'
'Vanmorgen heeft hij iemand gebeten.'
'Vorige week heeft hij gedreigd een stagiaire op te hangen in het trapgat.'
'Wat?' Pency van Engels trok wit weg. Haar hand omklemde de Hamlet en de rest van het stapeltje toneelliteratuur dat ze de hele dag al met zich meezeulde. Ze trok haar scherpe kin naar beneden, haar schrale geverfde wenkbrauwen omhoog en piepte ongezond toen ze schokkerig inademde. 'Waarom weet ik dit niet? Waarom zit het joch nog op school?'
'De stagiaire wilde er geen werk van maken', zei de directeur snel maar zonder overtuiging. 'Het was haar tweede les, ze schaamde zich.'
'In de pikorde van alle zoogdieren zijn leraren het laagst haalbare.' Twee stoffige handen speelden met een mobieltje die hun lange grauwe vingers tijdens de wiskundeles in beslag hadden genomen. 'Als je leraar wordt ben je een sukkel, daar komt het op neer.'
'Waarom ben je dan leraar geworden?'
'Om-dat ik een suk-kel ben.'
'STILTE  ALSJULLIEBLIEFT!'
De oproep was kansloos. Havo-4.3 tot de orde roepen was misschien lastig, docenten tot de orde roepen was onmogelijk.
Tjeu schoof zijn Bourgondische buik naar voren en leunde vertrouwelijk opzij.
'Zeg jij eens iets, Wart. Jij hebt overal een mening over. Wanneer begint de grote revolutie?'
Bietie trok smalend zijn mondhoeken op. Hij hield zijn mond en las de krassen in het tafelblad. School sucks. Killer 4.3. En wat verkeerd gespelde ziektes.
Stemmen.
Gespijbelde uren. Te laat meldingen.
Bietie begreep dat havo-4.3 bijna alle records overtuigend had gebroken.
'Zijn ze tenminste ergens goed in', becommentarieerde iemand.
De directeur had een lijst in zijn handen en bewoog zijn mond synchroon met zijn vingers die ritmisch van boven naar beneden over het papier gleden. Bietie volgde de kleine trillende ogen die altijd die vreemde combinatie van onzekerheid én vastberadenheid uitstraalden. De man was net een zitzak, dacht hij, een zitzak met een gekreukeld streepjesoverhemd en een afschuwelijke stropdas. Wat was dat met docenten? Waarom waren ze er bijna trots op zich te mogen rekenen tot de slechtst geklede beroepsgroep? Lubberende vesten met afhangende schouders, polo's met de meest belachelijke motieven, damesjasjes met veel te grote flappen, strakke truitjes waar je liever niet één detail zag. Creatief met beige en grijs. En met bloempotkapsels. Hier groeiden de geraniums naar beneden. Langs de oren.
Tjeu schopte tegen Bieties voeten.
'En als artistiek bijverschijnsel', de directeur draaide met heel zijn lichaam naar Bietie, 'hebben wij opeens wc-deuren die niet langer worden gedomineerd door slogans uit spuitbussen en boardmarkers, maar wc-deuren die een expositie zijn geworden van levensgrote naaktportretten, gemaakt met alle mogelijk denkbare communicatietechnieken die pastelkrijt, ecoline, plakkaatverf en vetkrijt ons te bieden hebben.'
Verdwaasd duwde Bietie zichzelf overeind. Iedereen gaapte hem aan.
'Ik heb havo-4.3 nog nooit lesgegeven.'
Tjeu grijnsde en schoof een briefje onder zijn neus. Margaux Cru Bourgeois, 1985.
'De andere havoklassen vallen al wel onder jouw hoede', zei de directeur, 'en die resultaten strekken niet tot aanbeveling.'
'Mijn examenresultaten zijn de enige hier op school die boven het landelijk gemiddelde liggen.' Dat was waar en als het nodig was zou hij het iedereen elke dag onder de neus wrijven. 'Ik probeer mijn leerlingen bewust te maken van hun eigen gedachten en gevoelens en moedig ze aan om deze op een constructieve manier vorm te geven. Met alle beperkte middelen die ze hier tot hun beschikking hebben.'
'Eigen gedachten en gevoelens zijn niet altijd op z'n plaats. Ze moeten gedoseerd worden.'
'Dat is mijn vak. U stelt dat ik oproep tot het maken van pornografie en het bekladden van meubilair en dat is belachelijk.'
'Havo-4.3 denkt daar kennelijk anders over.'
'Nogmaals, ik heb die klas nog nooit lesgegeven. Vandaag zie ik ze voor het eerst.'
'De andere havoklassen...'
'Al mijn havoklassen hebben opdracht gekregen om buiten de les om verder te werken. Huiswerk noem ik zoiets. En ja, ik heb uitgelegd dat een vel goedkoop schooltekenpapier soms te beperkt is en ik heb ze ook uitgedaagd om te zoeken naar andere materialen of oude gebruiksvoorwerpen.'
'Waartoe havo-4 ook de computers op de derde verdieping rekent', voegde Bob van informatica er gefrustreerd aan toe.
'Waar jij toezicht hoort te houden in plaats van te surfen langs alle aanbiedingen voor goedkope zomerhuisjes van Kazachstan tot Langweerderwielen. In elk geval wordt er tijdens mijn lessen niet gespijbeld.'
'In het geval van havo-4 geeft dat te denken', bitste Bob terug.
'Ik denk', zei de directeur, 'dat u zich te veel mee laat slepen door de ideeën van uw leerlingen.'
Bieties mond viel wagenwijd open.
'Natuurlijk ga ik mee met de ideeën van mijn leerlingen. Die zijn de basis voor hun werk.'
'Onze school is geen kunstacademie.'
'En wordt het ook niet. Zelfs als we dat zouden willen. Voor u zijn leerlingen een vervelende bijkomstigheid. En dat', Bietie had zin om de pokdalige tandkarper in het aquarium een kleurtje te geven, om de omgekeerde geraniums te kruisen met wulps geurende orchideeën en vleesetende cobralelies, 'dat is havo-4 zat.'
'En dat', sprak de directeur met dreigende intonatie, 'is precies wat ze zich niet kunnen veroorloven. Ik krijg vragen van de ouderraad en het schoolbestuur over wat hier in godsnaam gaande is. Havo-4.3 is een vrijstaat geworden en...'
'Voor de zoveelste keer: ik heb havo-4.3 nog nooit lesgegeven.'
'Jij geeft leerlingen te veel vrijheden en in het geval van havo-4.3 zal dat uitdraaien op een regelrechte ramp.'
Geklots. De tandkarper sloeg een gat in het wateroppervlak, met een paranoïde duikvlucht begroef hij zich spartelend in het zand. De bodem zweefde door zijn rechthoekige zee. Een dun laagje witgrijze kristallen camoufleerde de dronken vis met een zilveren deken.
'Waarom heeft u mij eigenlijk gevraagd om Havo-4.3 over te nemen?'
Heel even viel het stil.
'We hebben zieken.' De mededeling klonk koel en zakelijk. Iedereen wist wat de waarheid was en Bietie wist het beter dan wie ook. In de afgelopen schooljaren had niet één tekendocent het hier langer dan een paar maanden uitgehouden behalve hij, Bietie, met zijn grillige opstandige karakter, zijn depressieve buien en afwijkende ideeën. Ze hadden hem nodig en ze vonden het vreselijk.
'Het baart mij ernstig zorgen', zei de directeur, 'dat docenten die zonder poespas een degelijk onderwijsprogramma aanbieden, bij ons krankzinnig het pand verlaten. Ik eis rust en orde, en ik verwacht dat alle docenten hier onvoorwaardelijk aan meewerken.'
Wart Bietie wachtte het officiële einde van de vergadering af, veegde hij zijn papieren bij elkaar en verliet met een beleefde knik het lokaal. Pas op de gang van het noodgebouw stond hij zichzelf weer toe om vrij te ademen. Tjeu liep natuurlijk alweer ver voor hem. Hoe kreeg die gast dat voor elkaar? Met zijn gewicht! Bietie rende hem achterna.
'Hoe kom ik in godsnaam aan een fles Margaux Cru uit 1985?'
'Marktplaats.'
Bietie voelde zich moe en melancholiek op een manier die weinig goeds voorspelde. Niet dat hij overspannen werd. De ervaring had hem geleerd dat collega's altijd eerder gek werden van hem dan andersom. Maar het was alsof de school hem ontweek, alsof het gebouw niet meer was dan een immens museumstuk waar de mensen poppen waren en hij de enige bezoeker.
'Hoe lang werk jij hier eigenlijk?'
Tjeu hield in en wachtte op Bietie.
'23 jaar te lang.' Toen duwde hij de klapdeuren naar het hoofdgebouw open. Met pretoogjes wandelde Tjeu de grote hal in.
Bietie volgde. Opnieuw viel het hem op dat de grauwe conciërgeloge in niets leek op de strakke receptiebalies in het bedrijfsleven. Geen ingebouwde abri's met gillende slogans. Geen telefonistes met geile headsetjes en trillende - maak je klanten gek! - borsten in kekke mantelpakjes. Het gemopper van de blonde - dat wel - conciërge werd gesmoord door enkele vieze binnenramen, vergeelde planten en een afgekeurde brandblusser. Tjeu floot een melodietje dat Bietie herkende als het geschetter dat dagelijks uit het geheugen van tientallen iPods en MP3-spelers werd opgelepeld. Tjeu sloeg rechtsaf naar de kantine. Bietie ging linksaf de trap op en greep in een stuk kauwgom dat onder de leuning geplakt was.
'En nooit de trapleuningen beetpakken!' riep Tjeu hem na zonder achterom te kijken.
Wat, dacht Bietie, hoe...
'Hoi mees, wat kijkt u chagrijnig.' Een derdeklasser liet zich tree voor tree naar beneden vallen. Te vrolijk, waarschijnlijk net eruit gestuurd. 'Zo kijkt u nooit.'
'Ik ben net gewaarschuwd voor een billenknijper', zei Bietie, terwijl hij zijn hand van de leuning lostrok. 'En ik schijn de dreiging zeer serieus te moeten nemen.'
'U? Wie knijpt er nou in uw...'
'Wat is er mis met mijn billen?'
'Fok! Zo bedoel ik het niet mees, echt waar niet. Waarom begrijpen jullie me nooit?'
Bietie grijnsde. Kanjers en sukkels waren het, tegelijkertijd. Op naar havo-4.
 
Bietie (c) 2008 Mark Boode